donderdag 26 juli 2012

Religieus in het Naauw


Ik loop na afloop van een etentje door het centrum van Leeuwarden. Op het Naauw zie ik een man aankomen met een missie. Zo iemand, waaraan je kunt zien dat hij iets van je wil. In de meeste gevallen is dat een abonnement of geld voor een goed doel. Deze man heeft zijn eigen goede doel: zieltjes winnen.

“Ken jij Jezus al?” vraagt hij me op de man af. Ik antwoord hem bevestigend, want ik heb Jezus die dag nog gesproken. De man met de missie gaat hiermee nog niet akkoord. Het is voor hem een onbevredigend antwoord. “Maar ben jij ook wedergeboren?” wil hij weten. Ook dat kan ik hem bevestigen. Ik ben inderdaad wedergeboren, en ga 's zondags tweemaal naar de gereformeerde kerk.

Ik hoop dat hiermee de zaak af is, want eigenlijk ben ik op doortocht naar Wobbe, de platenboer. Even bijpraten met mijn vriend op de Voorstreek. De missionaris heeft van dit alles geen weet, en wil graag zijn levensverhaal aan mij kwijt. Ondertussen merk ik op dat hij in zijn handen een stapeltje kaartjes heeft. Waarschijnlijk met religieuze teksten. Is het zijn doel om al die religieuze visitekaartjes af te geven, vanavond?

Hij verteld dat hij vroeger ook gereformeerd was, zijn vader was ouderling. Maar als puber ging deze jongen uit, met de vrouwen mee, drinken, cocaïne. Hij was weliswaar gedoopt, maar leefde een losbandig leven. En hij niet alleen, eigenlijk iedereen in zijn gereformeerde vriendenkring leefde zo. Alsof de doop de garantie was om christen te zijn, maar je de vrijheid gaf om er op los te leven.

Rond zijn zestiende raakte hij van de kerk af. Maar wonder boven wonder, rond zijn 25e, 26e, 27e raakte hij weer bij de kerk betrokken. Evangelie-gemeente De Deur in Leeuwarden. Via net zo'n gesprek als hij nu met mij voerde. Tijdens een bekeringsgebed gaf hij zijn hart aan Jezus. Sindsdien was zijn leven totaal veranderd.

Of ik dat ook wilde. Of ik ook op zo'n manier mijn leven aan Jezus wilde geven. Daar was het de jonge evangelist om te doen. Maar helaas, dat zag ik niet zitten. Sterker nog, voor mij hoefde dat ook niet. Want juist het feit dat Jezus naar mij toe was gekomen toen ik een baby was, is voor mij nog elke dag van onschatbare waarde. Het initiatief ligt niet bij mij – elke dag opnieuw ligt het initiatief bij God, bij Jezus. Aan ons de taak om daar elke dag op te reageren, en niet alleen tijdens een bekeringsgebed.

En daarbij, het beeld dat de gesprekspartner mij schetste over de gereformeerde kerk, nee, daarin herkende ik mij totaal niet. De gereformeerde doop als vrijbrief voor een losbandig leven? Niet in de kringen waarin ik mij begeef.

Ons gesprek liep dood. Hij had zijn idee, ik had mijn idee, en we zwerven in gedachten – maar we komen altijd thuis.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen